Regel 1: Kinderen eerst.

– praat klets roddel blaat mekker zeur – “Mama! Mama! Mama! – praat klets roddel blaat mekker zeur – “Mama! Mama! Mama! – praat klets roddel blaat mekker zeur – “Mama!
“WAT IS ER? JE ZIET TOCH DAT IK STA TE PRATEN!!”

Ik stond erbij en ik keek ernaar. Nee, ik stond erbij en ik keek er hoofdschuddend naar.
Nu moet natuurlijk iedereen zelf weten hoe hij/haar zijn/haar kinderen opvoedt maar ik had dit toch anders aangepakt. Sterker nog, niet zo lang geleden maakte ik zo’n zelfde situatie mee.
Ik was in het zwembad met de jongens, het was tenslotte mooi weer. Ik zeg wel eens gekscherend; je kunt wel met regen naar een zwembad gaan maar dan word je helemaal nat. Ghe! We hadden een mooi ruim plekkie op het gras, onder een boom, de 3 badlakens lagen naast elkaar. De jongens waren niet uit het water te slaan, ik zat af en toe even bij te komen van het watergepret. Ben ook geen 20 meer.
Op een gegeven moment kwamen 2 vrouwen van mijn leeftijd pal naast onze 3 badlakens liggen. Zucht, plenty plek en waar gaan ze liggen? Maar ja, ik zat daar blootgetorst een beetje bruin te wezen dus neem het ze eens kwalijk, niewaar?
En het duurde maar even of de toenadering was daar. ‘Denk je dat uit deze boom hars valt?’, vroeg één van ze. Met mijn beste duh-gezicht draaide ik mijn hoofd langzaam haar richting op. ‘Nee, dit is een eik, daar vallen eikels uit’, verzuchtte ik. Ik zag aan haar gezicht dat ze opgelucht was, ik had gereageerd. Ze had beet. Maar ja, ik zat daar blootgetorst een beetje bruin te wezen dus neem het haar eens kwalijk, niewaar?
We raakten aan de praat en, eerlijk is eerlijk, het was best een aangenaam gesprek. Nu komt er over het algemeen niet zo heul veul boeiends uit de mond van een vrouw en ook deze keer was dat niet anders maar ik vond het wel aardig dat ik even wat te lullen had.

PAPA! PAPA! Sam kwam aangerend. Ik keerde m’n hoofd. ‘Wazzup jongen?’, zei ik. En terwijl ik dat zei hoorde ik in m’n rechteroor dat de vrouw tegen me bleef praten. Ik besteedde er geen aandacht aan, mijn kind had me immers nodig. Maar ze bleef maar door praten en vragen stellen. Op een gegeven moment raakte ze zelfs m’n bovenarm even aan. In een reflex greep ik haar hand en draaide ‘m 135 graden. Daar lag ze half op d’r rug te spartelen. ‘Als ik met mijn jongen praat, moet jij even stil zijn.’, zei ik tegen haar en ik liet haar hand los. Ze keek verschrikt.
‘Ja maar……’, stamelde ze. Ik ssssssste haar en keek haar boos aan maar dat kon je niet goed zien want ik droeg m’n zonnebril. Ze haalde adem om weer iets uit te blaten maar voor ze een geluid kon maken wapperde ik m’n vinger voor haar mond. TU TU TU TU!!! En ik hield m’n wijsvinger omhoog.

Nou ja, Sam kwam vragen of ze later een ijsje mochten en natuurlijk mocht dat. Zo belangrijk was het dus eigenlijk niet wat hij kwam doen maar ja, ik heb nou eenmaal een eerste regel; Als ik de kinderen heb, gaan ze voor alles.

Bedenk me net dat ze mij zou contacten in mijn vakantie in Groningen voor een hapje en een drankje.
Ze zal m’n nummer wel verloren zijn.
Hè, bummer zeg! Weer een date misgelopen.

We opvoed’en!

Ik mag weer!

Ik heb er een jaar op moeten wachten maar, lieve lezer, ik mag weer!!
Een jaar ja. Sam was in januari al iets te volwassen voor een ‘typetje van papa-feestje’, vond mama besloten we gezamenlijk. Maar bij Teun kan ik dus nog een keer in de huid kruipen van een typetje. iiiiiiieeeeehhaaaaa! \😁/

Hij wil een spionnenfeestje. Ja, écht! Haha, een spionnenfeestje. 😄 Met spionnendingen en spionnenzaken en spionnengeheimen en spionnenoperaties en spionnenarrestaties en spionnenverhoren en spionnenwaterboardingen enzo.
Hé, zei iemand daar iets met mijn naam + koren en molen?
Nou inderdaad, als er iemand iets weet over spionnen dan ben ik het wel. Met mijn spannende, classifiede, snelle, extravagante en dikwijls thrillerachtige professionele maar ook sociale leven. Kijk maar eens in de dikke VanDale bij ‘iemand die alles van spionnen weet’ – daar staat mijn foto naast.

Goed, het typetje dan. Ik dacht zelf aan Sjaak Pion. Een woest aantrekkelijke, rondgebrilde, charmante, atletisch gebouwde en keurig gekapte man van midden 40, gezegend met een kort lontje en dito liefdesaffaires.
Maar daar twijfel ik nog een beetje over. Het komt dan misschien bij de kinds niet echt als een typetje over. 🤔

Wellicht dat jij, lieve lezer, suggesties hebt? Die zijn, zoals immer, welkom. Plemp het maar ergens.
We hebben nog een dikke 2 maanden.

We spion’en!

Feestjeweek

Zo zeg! Ga ik even een feestjeweek tegemoet!
En met feestjeweek moet je lezen dat ik weer eens een keer de diepe krochten van de alcoholische wereld ga betreden. Da’s namelijk al ff geleden. Thuis drink ik praktisch niet, ouderwets op stap ga ik al tijden niet meer en feestjes bezoek ik nog af en toe maar dan moet ik altijd terugrijden. Dus dan stop ik standaard na 3 liter biertjes. Maar daar komt deze week verandering in want er staat wat op de planning hoor! En laten we eerlijk zijn, ik ben eigenlijk ontzettend lollig als ik drink. En dan wordt het ook nog zomer! iiiiiiiiiiiiiiiieeehaaaaa \😄/

Woensdagavond (20.45 uur) wint Ajax de Europa League door Manchester United te verslaan. En daar moet natuurlijk op gedronken worden.
Donderdagmiddag (16.00 uur) wint Donar het Nederlands kampioenschap door Zwolle op te rolle. En daar moet natuurlijk op gedronken worden.
Vrijdag (00.00 uur) is moeke jarig. En daar moet natuurlijk op gedronken worden.
En het weekend wordt het prachtig weer in feestjestad Groningen dus zit ik blootgetorst bij moeke in de tuin. En daar moet natuurlijk op gedronken worden.
Hos ik blootgetorst bij de huldiging van Donar. En daar moet natuurlijk op gedronken worden.
En kon ik wel eens blootgetorst met de jongens aan de Hoornse plas gaan liggen. En daar kan natuurlijk het drinken niet bij ontbreken.
Ik kan haast niet beschrijven hoeveel sin ik er an heb.

We feestjeweek’en!

Ik ben verdrietig

Nou ja, verdrietig? Dat is misschien een wat te groot woord. Verdrietigjes is het eigenlijk meer.
Dat ik-wil-grijs-haar fetisjisme van me begint namelijk een beetje sneu te worden. Het wil me maar niet lukken een nestorische blik te groeien en ook het grijs-laten-vervenidee heb ik laten varen want dat was toch niet zo’n succes als waar ik op gehoopt had. Dus swa, niets aan te doen, even slikken en weer doorgaan, wat niet is kan nog komen.

En dus verlegde ik mijn interesse naar mijn onderhoofd. Want dat kan ik wel gewoon in de spiegel zien, haha! In mijn snor en in mijn baard kom ik zo nu en dan wel ’s een verdwaald grijs/wit haartje tegen en zo’n ringbaardgeval zal mij best wel staan, dunkt me. Dus moet ik ze laten groeien om dit resultaat te kunnen beoordelen en dat is precies wat ik heb gedaan. Waar ik normaal gesproken het liefst glad als een babykont tevoorschijn loop heb ik mij de afgelopen 2 weken nachtdienst niet geschoren.
Maar je raadt het al. Het resultaat na 14 dagen scheerloos doen was diep droevig. Alhoewel ikzelf vond dat het er wel ruig uitzag was er werkelijk niemand die het opviel. Niemand die vroeg; ‘Goh, laat jij je baard staan?’ of zei; ‘Hé, dat staat je leuk/stoer/woest aantrekkelijk.’ En waarom? Omdat ik de baardgroei van een zesjarig meisje heb, dat is waarom!
En dus heb ik het scheermes er maar weer overheen gehaald. En nu ben ik dus ietwat verdrietigjes.

Ik geloof dat ik me maar neer moet leggen bij het veeeeeeeel te langzaam grijs worden. Het is niks en het zal ook niks worden. En dat is best ruk want ik ben er van overtuigd dat ik hierdoor verscheidene schurkenrollen in grote blockbusters mis loop. En dat is voor jou, lieve lezer, ook weer spijtig want nu zal je me nooit op het witte doek zien schitteren.

We verdrietig’en!

Le tuf de France (part deux)

Na ons hachelijke avontuur tuften we vrolijk dieper Frankrijk in en ik vroeg me af waarom we deze route namen in plaats van de zonroute naar het zuiden. En toen bedacht ik me dat we eerst nog cultuur gingen opsnuiven natuurlijk. Wat is nou een vakantie zonder cultuur opsnuiven, vraag ik je? Oradour-sur-Glane had ik een blaadje zien staan, ik moest daar naartoe. Oorlogfetisjist als ik ben. In dit plaatsje zijn de meest gruwelijke misdaden gepleegd tijdens de oorlog en het ziet er nog steeds zo uit als in 1944. We waren er diep van onder ingedrukt en mocht je daar ooit in de buurt zijn, een aanrader.

De zonroute, of zoals de Fransen zo prachtig zeggen; A7, daar moesten we heen. Ik had een landkaart van Frankrijk op ware grootte over de motorkap gevouwen en zag in een oogopslag, ik ben immers een man 😉, dat er twee opties waren. Optie 1 was een kleine 100 kilometer over een snelweg terug en optie 2 was een tussendoorweggetje van exact 32 kilometer. De keuze was snel gemaakt.
Nu blijken Franse tussendoorweggetjes van exact 32 kilometer in werkelijkheid slecht onderhouden schijtwegen van 847 kilometer te zijn en ik begon me meer en meer af te vragen waarom ik niet naar voormaligje had geluisterd toen ik mijn keuze doordramde.
Zucht.

Halverwege de middag bereikten we dan eindelijk de hemelse weg en ik trok de conclusie dat mijn 14 pagina’s tellende rittenschema wel in de prullenbak gemikt kon worden. (kaartleesgrap alert) Dit tot opluchting van voormaligje, ze is een vrouw immers 😄
Het was bloedheet maar mensen, wat was ik in mijn nopjes! Zonnebrilletje op, overhemd open, armpje uit het raam, lekker muziekje aan en de airco uit. Want die zat toch niet in de Peu. En lekker toeren van tolpoort naar tolpoort. Heerlijk!
Voorbij Lyon werd het heuvelachtiger en ik merkte dat de Peu er wat moeite mee kreeg. Maar ook luid toeterende en met grootlicht seinende auto’s achter me gaven me die indruk. Ik ging uit de meest linkerbaan. Nog verder naar het zuiden werd het zelfs bergachtig en ik moest iets verzinnen om mijn voiture nog enigszins waardig te houden. Ik paste mijn rijtactiek aan. Ik moest wel.
Bij het aanzicht van een berg versnelde ik naar z’n top van 145 en zo knalde ik die berg op. Maar hoe ik het ook probeerde en hoe mijn Peutje ook zo z’n best deed, halverwege viel ik bijkant stil. Tot enorme ergernis van de mede routegebruikers.
Aan alle kanten vlogen auto’s ons voorbij. Auto’s met caravan scheurden ons voorbij. Vrachtauto’s vroemden ons voorbij. Boze boeren op tractors reden ons voorbij. Op een gegeven moment passeerde zelfs het Tour de France peloton ons langs de linkerzijde. Mèn, de schaamte!
Een gendarmeriër op motor vond het mon dieu! en stuurde me naar de meest rechtse baan. De loserbaan. Tussen de zwaar beladen vrachtwagens in. Die met 30 km/u omhoog gaan.
Zucht.
Voormaligje had het hele ritueel niet meegekregen en vroeg waarom ik hier ging rijden. Ik zei dat we er zo af moesten.
Dat de afrit nog 312 kilometer duurde heb ik er maar niet bij gezegd.

De tuffer heeft ons daarna nog 3 keer heen en weer gebracht en is in 2004 overleden.
RIP zacht, mon voiture amour ❤️

Briljant!

Het was de jongstverleden donderdagavond, hè Thea? Dat wij tehuis keerden van een aimabel relationeel dineetje waarbij ik usance conform de aanjaagfunctie had vervuld en wij thuis nog even de televisie inschakelden om wat te verwijlen bij Laat de Leeuw omdat ik het met mevrouw Terpstra eens ben dat homo’s uit de kast moeten komen en bijgevolg voorzeker uit de kijkkast en toen zagen wij, Thea weet je nog? Een haarscherp, bijna iconografisch portret van deze jaren negentig.
Het puur zintuiglijk genot dat dit tableau in mij genereerde, dank ik aan de kunstenaar Cirano, hè Thea? Eh, het Groninger Museum en het onbelemmerde seksuele plezier en de vrijgevochtenheid waarvan de gehele context binnen dewelke dit uitnemende kunstwerk figureerde, vibreerde.

Het gebodene wekte bij Thea een wat meer modeste interesse, hoewel ik gepoogd heb, haar de momentane plaats van deze fotografie binnen de kunstgeschiedenis der twintigste eeuw duidelijk te maken, wilde Thea naar bed en als ik zeg naar bed, dan bedoel ik naar bed. In deze echtelijke sponde, ja, hebben wij vierendertig jaar lang ons onbekommerd uitgeleefd in vleselijke boulage en terwijl ik ons huwelijk voor mijn geestesoog de revue liet passeren, bleven de ongemeen sterke beelden van schoonheid der gewraakte affiche op mijn netvlies dansen en dat is het kenmerk van alle grote kunst, Thea, het laat de beschouwer niet meer los.

Toen heb ik Thea gevraagd mij oraal met haar eau de nuit te befontaineren, maar helaas heeft zij deze urinale geste, als zijnde pervers, afgewezen, waardoor ik ten eeuwige dage verstoken zou zijn gebleven van deze ultieme genotsemotie die de totale seksuele onderwerping aan een vrouw met zich mee kan brengen, want Thea, je weet heel goed dat ik mij jamais, jamais, jamais, zou laten besproeien door een lichtekooi. En het was zulke briljante Pernand-Vergelesses geweest, toch?
Ttt, ’94, ooh, fff.

Toen ben ik met Thea tot een modus pipendi geraakt, waarbij zij heeft geaccordeerd dat zij haar humide ode aan een po’tje zou bewijzen, waarvan wij het tele gele volume vanmiddag hebben overgegoten in ons plantengietertje en ik vraag Thea nu in alle hoofsheid of zij mij dit klaterend applausje voor de volkomen feminiene emancipatie zou willen toedienen, lieverd, hè? Kom maar Thea, ja kom maar, kom maar meisje…

 Mensen die zo praten, ik ❤️ dat enorm.
Ik zag dit gisteravond en ben van de bank gerold 😂😂😂😂😂